Tadej Pogacar heeft op indrukwekkende wijze de loodzware vijftiende etappe van de Giro d’Italia op zijn naam geschreven. In de finale naar Livigno reed de rozetruidrager minuten weg van de concurrentie. Nairo Quintana, die vanuit de vroege vlucht nog lang standhield, eindigde als tweede.
De tweede week van de Giro d’Italia werd afgesloten met een stevige bergrit. De 222 kilometer lange rit telde maar liefst 5.400 hoogtemeters en vijf gecategoriseerde beklimmingen. In de finale lag de Foscagno Pass (14,6 km aan 6,5%), waarna ook de korte maar pittige klim naar Livigno (4,7 km aan 7,7%) nog wachtte. De finish lag 2387 meter boven zeeniveau.
Laatste kilometers. Quintana komt bij Steinhauser. Eventjes kon de renner van EF Education-EasyPost zijn karretje nog aanhaken, maar al gauw ging de Colombiaanse klimmer alleen door. Van achteruit kwam Pogacar echter snel opzetten. Bovenop de Foscagno Pass had Quintana veertig seconden op de rozetruidrager, aan de voet van de klim naar Livigno (4,7 km aan 7,7%) was de situatie niet veranderd. In de kilometers die volgden kwam de ontketende Pogacar echter snel dichter. Dat was ook te zien aan het verschil met de groep Thomas en Martínez. Zij reden op twee kilometer van de finish al op drie minuten van de Sloveen. Op datzelfde moment kwam Pogacar bij Quintana. Hij liet de Colombiaan meteen staan en vloog door naar de top. Zodoende boekte de kopman van UAE Emirates zijn vierde ritzege van deze Giro d’Italia. Quintana kwam op dertig seconden als tweede binnen. Daarna was het lang wachten, totdat Steinhauser als derde binnenkwam.
Van de renners uit de favorietengroep kwam Romain Bardet over de streep. Daarachter vormde zich een groepje van vier. Thymen Arensman was hier belangrijk voor Thomas, die in de slotkilometer nog probeerde om Martínez en O’Connor eraf te krijgen. O’Connor, die het eerder ook al moeilijk had, ging inderdaad overboord. Maar Martínez had nog wel wat in de tank. Ze kwamen zo samen op bijna drie minuten van Pogacar over de streep.

